september 2005
Ik zit in de tram. De allernieuwste ringtone, gebaseerd op het zoveelste R‘n B hitje dat ons door de strot geramd is, klinkt schel en overduidelijk. Het gesprek achter mij gaat over die schijnbaar nogal groot geschapen (of was het toch een sok?) Marokkaan die volgens Veronica ‘de lekkerste’ is, om vervolgens over te gaan in een bijzonder heldere analyse van het feit dat wijlen Pim toch wel gelijk had over ‘die buitenlanders.’ Ik kruip dieper in de behaaglijke warmte van mijn capuchontrui en staar mistroostig naar buiten, naar de statige symbolen van welvaart en vooruitgang die deze machtige moderne stad maken tot wat hij is. Naar een uit deze regenachtige ochtend opdoemend reclamebord dat mij vertelt dat ook ik een beroemdheid kan worden als ik maar hard genoeg wil en de juiste kleding draag (daarbij ironisch genoeg een kleiner bord dat aandacht vraagt voor de schrijnende situatie in de minder goed bedeelde regio’s van onze planeet met zijn grootsheid overschaduwend). Zucht.
Mijn aandacht wordt getrokken door vier vriendinnen die gezamenlijk doch pijnlijk van elkaar afgezonderd zitten te bellen of te sms’en of te kloten met hun nieuwe I-Pod (walkmans en tapes zijn uit). Een mooie metafoor voor onze globale massamaatschappij waarin eenieder kan doen en worden wat hij wil. Levend met elkaar maar volkomen langs elkaar heen. In een globale melting-pot geworpen waarbinnen alleen maar echt geleefd kan worden via technologische of mediale interventie. Zelfmaakbaarheid als ideaal, als maar niemand daadwerkelijk iets zelf maakt. Zijn we met zijn allen overgeleverd aan de alomtegenwoordige MTV indoctrinatie van onze McWorld? Sombere gedachtekronkels op een druilerige herfstdag.
Thuisgekomen besluit ik maar om een van mijn dierbare Sick Of It All of Bad Religion of Rise Against of whatever cd’s de cd-lade in te flikkeren. Ik wordt gebeld: of nou alles in kannen en kruiken is voor de show zaterdag? Jup, wordt cool. En ik realiseer me opeens weer dat die show tot stand is gekomen zonder enige tussenkomst van die gekunstelde buitenwereld. Hier worden daadwerkelijk dingen geschapen, gecreëerd. Gelijkgestemde geesten zullen elkaar altijd vinden, zei een wijs man ooit. Ik denk aan het gevoel dat zich van mij meester maakt als ik weer eens een zaterdagavond verdoe in een of ander duister jeugdhol, met een bier in mijn poten, op of voor het podium. Dit is ons thuis. Dit is onze wereld. Dit is waar wij in geloven. Dit is waar wij voor staan. En dat laten we verdomme niemand van ons afpakken.