dinsdag 10 februari 2009

Oude gebouwen zijn mooie gebouwen..

december 2008

Even vooropgesteld. Ik ben niet religieus. Ik heb niets met het katholicisme behalve dat ik vroeger toen ik klein was naar de kerk moest. Eerlijk gezegd beschouw ik georganiseerde religie als een groot gevaar voor de (moderne) samenleving en als een eeuwenoude bron van conflicten en brandhaarden en allerlei ander fijns. Ik ben groot fan van het vrije denken en ben blij dat de moderniteit mij heeft bevrijd uit de klauwen van allerlei eeuwenoude religieuze dogma’s. Ik zie niet in hoe diepgeworteld en voor een aanzienlijk deel op machtspolitiek gefundeerd geloof in een alwetende godheid nog langer een echt toegevoegde waarde kan hebben aan onze samenleving. Heel erg oude boeken zijn nog steeds geen realistische weergaven van de werkelijkheid. En zeker niet letterlijk toepasbaar op de werkelijkheid van nu. Maar dat betekent niet dat ik voorstander ben van het slopen van cultuurgoed en het uitwissen van de geschiedenis. Zeker niet als in deze kwestie het winststreven van de vastgoedsector ook nog eens een belangrijke rol speelt.

Ik woon er al een tijdje niet meer. Maar Limburg (ONDER SITTARD) blijft nog steeds mijn thuishaven. Waar ik in de toekomst ook verzeild raak, mijn wortels zullen altijd in de drek van de oostelijke mijnstreek blijven liggen. En daar kan geen Amsterdammer wat aan veranderen. Ik hou van dat stukje heuvelland, in al zijn facetten. Als ik dan lees dat er van de oorspronkelijke vierhonderd Limburgse kloosters er nog maar 81 rechtstaan waarvan er dan ook nog eens 26 leegstaan vind ik dat een beetje triest. Zeker als ik lees dat er dan ook nog een leger projectontwikkelaars op die locaties zit te azen, om na een onderhands dealtje met de één of andere lokale wethouder die oude kloosters van de aardbodem weg te vagen en er een stapel lelijke appartementen neer te flikkeren. Daar wordt ik niet vrolijk van. Daarbij is nieuwbouw over het algemeen spuuglelijk en oude kloosters over het algemeen mooi en een toegevoegde waarde aan de omgeving. Kloosters werden net zoals zoveel oude gebouwen opgetrokken met een blik op de eeuwigheid. Nieuwbouw met een blik op efficiëntie. En zelfs dat mislukt dan nog wel eens. In mijn oorspronkelijke thuisstadje Landgraaf ligt tegenwoordig namelijk een gapend groot gat. Een gat omdat men hier de oorspronkelijke bebouwing besloot te slopen om plaats te maken voor, jawel, appartementen. Na de sloop van wat er al stond bedacht men zich echter dat er misschien helemaal niet zo veel vraag is naar nieuwe appartementen in een streek waaruit iedereen als gevolg van de nogal deplorabele werkvooruitzichten langzaamaan besluit weg te trekken. Briljant. Gevolg: het gat. En nee zo’n gat in de markt is verre van mooi.

Dus. Laat gewoon staan die kloosters. Het mijnverleden is al professioneel genoeg uit het landschap en langzamerhand ook uit het collectieve geheugen gewist. Die kloosters horen bij Limburg. Schoonheid van stad en land is ook belangrijk voor kwaliteit van leven. UNESCO heeft niet voor niks een Werelderfgoedlijst. Ik voel nog steeds wat kriebelen als ik station Heerlen binnentrein en de schachttoren van de Oranje Nassau I zie opdoemen. Ik hou van Limburg. Inclusief dorpskroegen. Inclusief carnavalsverenigingen. Zelfs inclusief Kerkrade (nou ja. Dat wordt getolereerd). En inclusief kloosters. Alstublieft.